Ook de meeste zoogdieren zijn rechtshandig!

Of moeten we eerder spreken over ‘rechtspotig’?

Al jarenlang wordt er wetenschappelijk onderzoek verricht over het verschil tussen rechts- en linkshandige mensen. En veel meer dan ons lief is, verschijnen daarover soms de meest dwaze conclusies. Zo zou een rechtshandige gemiddeld 15 jaar langer leven dan een linkshandige. Vroeger werd je ervoor ook letterlijk op de vingers getikt, wanneer bleek dat je de meeste handelingen met je linkerhand uitvoerde. Alsof het een ‘afwijking’ betrof.

Einstein was één van de eerste erkende genieën die stelde: “Observeer de dieren en herken jezelf!”. Dit moet ook ene Nette Levermann, een Deense biologe, ter harte hebben genomen, toen ze tijdens haar carrière het gedrag onderzocht van tal van zoogdieren die zonder enige invloed van de mens hun natuurlijke gangen observeerde. Bleek dat de meerderheid van de zoogdieren ook effectief rechtshandig is en slechts een minderheid linkshandig.

[related-posts]

Het woord rechtspotig zou in dit geval meer toepasselijk zijn -het staat helaas niet eens in het woordenboek!-  maar wat dan gedacht over het woord ‘rechtsvinnig’? De Deense biologe ontdekte immers dat walrussen hoofdzakelijk hun rechtervin gebruiken om schelpen op te graven. Walrussen gaan door het leven als ‘enorme vreetzakken’. Ze graven schelpen -hun favoriet dineetje- op die onder circa 40 cm modder verborgen liggen. In één duikbeurt halen ze zowat 80 schelpen boven water, ontdoen ze van hun omhulsel en leggen de inhoud als reservevoedsel opzij. Dit alles met hun rechtervin!

De meeste walrussen herhalen dit ritueel gezamenlijk zo’n 20 keer per ‘visdag’. Volgens de Deense biologe levert dit een flink aantal kilo’s voedsel op. Daarna ligt het zoogdier een aantal dagen aan de kant om zichzelf en zijn/haar kroost te voorzien van de vangst.