De meest kindvriendelijke honden

Affiniteit moet van twee kanten komen!

Er bestaan inderdaad hondenrassen die een uitzonderlijke band kunnen opbouwen met een kind, maar het tegendeel is ook waar: er zijn kinderen die van bij de geboorte geen huisdier kunnen ruiken of zien. Sterker nog: in gezinnen waar nooit een huisdier over de vloer kwam, hebben baby’s en peuters een natuurlijke afkeer en schrik van een hond als huisgenoot. In dit geval lijkt het ‘instinct’ van een klein kind sterker dan dit van een hond. En jammer genoeg is de hond in de meeste gevallen het slachtoffer en moet hij het huis verlaten.

Nochtans, de toenaderingspogingen tot de affectie van een kind gaat bijna altijd van de hond uit. Alsof het dier zijn verantwoordelijkheid als ‘oppas’ ten volle beseft. Anderzijds zijn er hondenrassen die een kind als een ware concurrent in huis beschouwen en die stellen zich bijgevolg jaloers tot kwaadaardig op. De ongevallen tussen kinderen en honden zijn legio, maar anderzijds maken honden het onderwerp uit van heuse heldenverhalen.

[related-posts]

Wetenschappers hebben door de jaren heen het gedrag van hondenrassen bestudeerd en kwamen tot de conclusie dat er geen handvol hondentypes bestaat die je voor 100% kan vertrouwen. Zowel de labrador retriever als de golden retriever hebben een erg zacht karakter, ze zijn zelden agressief of hyperactief. Deze honden worden vaak omwille van hun intelligentie en geduld getraind om andersvaliden bij te staan. Daarnaast zijn ze dol op spelen, wandelen, en zelfs van water zijn ze niet schuw. Ook van andere huisdieren als katten, konijnen en marmotten maken retrievers geen probleem. Retrievers zijn echte ‘gezelschapshonden’; een kind zullen ze dus snel in de ‘roedel’ van het gezin opnemen.

De beagle en basset hound (de ‘Hush Puppy’) zijn dan weer enorm geschikt voor gezinnen die liever een wat kleinere hond hebben. De beagle mag dan wel wat dreigend blaffen, daarmee wil hij alleen maar bewijzen dat hij ook een uitstekende waakhond is. Verder is het een hele sociale hond, wat wel met zich meebrengt dat hij niet graag alleen gelaten wordt. De basset is eveneens een liefhebbend beestje, maar kan nu en dan wel eens wat koppig zijn.

[related-posts]

Als puntje bij paaltje komt, zijn cockers in feite de ideale (t)huisdieren. Ze hebben niet veel plaats nodig, ze zijn in het algemeen heel rustig en volgzaam en ze kunnen goed gehoorzamen. Hun kleinere gestalte en lief karakter maken van hen goede kindervrienden. Hier is het wel even opletten geblazen met allergieën. Afhankelijk van welke cocker je in huis haalt, kan hij heel wat haren verliezen. Als je hond dan ook nog eens veel binnen zit, kan je er bijna zeker van zijn dat niemand van je gezin allergisch is.

Omdat het bijna kerstmis is, geven we je niet één, maar twee filmpjes cadeau die niets aan de verbeelding overlaten. Ze verklaren álles wat we in dit artikel beweren. In het eerste zie je hoe een jongetje met het downsyndroom niet zonder enige moeite zijn hart laat veroveren door een labrador, in het tweede zie je een montage van wat dierenliefhebbers het afgelopen jaar instuurden als vertederende beelden van hun trouwe vierpoter en hun schattige ‘tweepoter’.

Video 1 – honden en kinderen:

https://www.youtube.com/watch?v=7O8lbQGq7W4

Video 2 – honden en kinderen: