Daarom geven mannen hun vrouwen troetelnaampjes

Flor en zijn “boeleke”.

Flor is al tegen de tachtig aan en in een ver verleden is de man ooit mijn werkgever geweest. Onlangs kwam ik hem en zijn vrouw tegen op de markt en dit was zo’n prettig weerzien dat het koppel mij uitnodigde om eens te komen eten.

Dat deed ik vorig weekend. Al tijdens het aperitief viel het me op dat Flor zijn vrouw continu aansprak met een verschillende koosnaam: ‘schat’, ‘boeleke’, ‘duifke’, ‘druifke’,… En Flor deed ook alle moeite om zijn vrouw bij ons gesprek te betrekken.

[related-posts]

Zijn arsenaal van troetelnaampjes leek onuitputtelijk, want tijdens de maaltijd bleef hij op zijn elan verdergaan. ‘Geef je de saus eens aan, poepeke?’, ‘Heb je nog een servetje, scheetje?’, ‘Het is bijzonder lekker, mijn prinses!’ en ga zo maar door.

Toen ik achteraf met Flor alleen op het terras stond en zijn tuin bewonderde, zei hij glimlachend: “Die bloemen, die kruiden,… Dat is allemaal het werk van mijn zoeteke!”

Ik wou Flor oprecht complimenteren, toen ik hem zei: “Ik vind het fantastisch dat jij je vrouw na al die jaren nog altijd bedenkt met zoveel lieve koosnaampjes!”

Flor keek me aan, boog zich naar me toe en zei op verontschuldigende toon: “Weet je, Frank, om eerlijk te zijn: ik kan al tien jaar niet meer op haar naam komen!”…