Rode Duivels-gekte mag niet te veel kosten

Ondanks alle gadgets en publiciteit, zijn wij gierige supporters.

Maandagavond nog schopten ze de Luxemburgers bij wijze van spreken in vijf trappen van het veld (Oefenmatch België-Luxemburg, 5-1), maar van een heuse euforie rond de Rode Duivels kan men nog niet spreken in de aanloop naar het WK Voetbal in Brazilië. Schijn bedriegt.

We worden dan wel al weken overrompeld door allerlei tricolore hapjes en drankjes, petjes, sjaals en truitjes en noem maar op, de gemiddelde Belg is een ‘stille’ supporter. Inwoners van fervente supporterslanden als bv. Argentinië, Brazilië en Italië trekken zowaar een vooraf uitgetekend budget uit van hun inkomen om hun nationale elftal te steunen. Dit kost hen om en bij de 50 euro.

ING ging na wat wij, Belgen, voor onze nationale trots over hebben. Nog geen 12 euro! Zegt de heer Peter Vanden Houte, de ING-hoofdeconoom: “Een WK als dit heeft eerder een negatief effect op onze economie. Werknemers en -gevers willen de matchen niet missen en als vanzelf daalt ook de algemene productiviteit. Er wordt inderdaad wel meer geconsumeerd tijdens deze periode, maar de aandacht voor het eigen werk verslapt.”

[related-posts]

Naarmate de Rode Duivels goed presteren tijdens deze periode, wordt het vanuit economisch standpunt wellicht interessanter, maar dit zal altijd van korte duur zijn. In landen die eerder wereldkampioen werden, volgde altijd een ‘weerslag’ die vooral de consument trof.

“Net als de Nederlanders zijn we wel supporters in hart en nieren”, stelt Peter Vanden Houte, “maar we zijn geen gokkers. In andere landen wordt er soms meer dan 400 euro per persoon besteed aan pronostieken, terwijl in de Nederlanden amper 15% van de bevolking een gokje waagt.”

Opvallend: over wat de impact is van zulk mondiaal evenement op het ‘economisch’ gedrag van een gemiddelde student (in een examenperiode!) wordt weinig gerept. Terwijl ik vermoed dat zich vooral dààr kleine drama’s afspelen.