Geen gezever!

Dit is de slogan van een campagne die Binnenlandse Zaken voert tegen de misplaatste en nodeloze oproepen naar de 21 Belgische noodlijnen.

Jaarlijks worden er liefst zes miljoen oproepen behandeld, maar tegenwoordig is één kwart van alle binnenkomende telefoontjes flauwekul. Met ‘Geen gezever!’ wil Binnenlandse Zaken deze misbruiken strenger aanpakken.

Wat houden die nepoproepen dan zoal in? Flauwe grapjes, zattemanspraat of botweg een scheldtirade. ‘Sorry, verkeerd verbonden!’ is ook een veelgehoord excuus en mensen bellen vaak de 101 -het noodnummer voor de politie- om het adres en telefoonnummer van iemand aan de weet te komen.

De situatie loopt dermate uit de hand, dat men vaak de fake oproepen niet van de ernstige kan onderscheiden. Bovendien houden de ‘zeveraars’ dikwijls de lijn bezet, waardoor de noodcentrales de telefoontjes van mensen die echt in nood verkeren, niet kunnen aannemen.

Om dit aantal nodeloze oproepen terug te dringen, vragen de federale overheidsdiensten Binnenlandse Zaken i.s.m. Volksgezondheid en de federale politie aan gemeenten en hulpverleners om een ‘112-infographic’ te verspreiden.

Daarin staat overzichtelijk weergegeven wanneer en hoe een noodnummer te bellen. “Hoe meer mensen immers weten hoe en wanneer ze welke noodnummers kunnen bellen, hoe efficiënter de noodoproepcentrales kunnen functioneren”, klinkt het.

Zelf zou ik niet graag één van de 1200 operatoren zijn die in de 21 hulpcentrales actief zijn!