Thé Lau: het afscheid nabij, het verdriet zal ondraaglijk worden.

Idool met een visie, held met een boodschap.

U kent hem wel, Matheus Lau (zanger en bezieler van The Scene), of Thé voor de vrienden.  Het mooie is dat iedereen Thé zegt.  Hij heeft geen vijanden en toch is zijn lot beslecht door de duivel des ziektes, de kanker die enkel rooft en leemtes achterlaat.  Thé is ongeneeslijk ziek en zal binnenkort ons allen verlaten.  Er is geen weg meer terug …

Ik ken eigenlijk geen helden want echte helden kent niemand bij naam.  Het zijn de kinderen die opgroeien in oorlogsgebieden, het zijn de mensen met een handicap die dagelijks moeten overleven in onze egocentrische maatschappij, het zijn de eenzaten die zichzelf wegcijferen om een medemens in nood, belangeloos te helpen.  En toch, Thé Lau is de uitzondering want voor mij is hij wel een held én een vriend.

Jaarlijks ga ik zo’n tweemaal live naar hem zien en luisteren (shit, ik moet eigenlijk “ging” schrijven en denken).  Thé Lau solo of met zijn band The Scene, het maakt voor mij niet uit.  Thé bezorgt me inspiratie en levenslust.  Zijn teksten laten me nooit onberoerd en openen mij de weg naar zelfreflectie.  Liefde en drama, de grens is soms splinterdun.  Thé kan eigenlijk helemaal niet zingen, zijn stem is rauw en hees, maar zijn teksten zijn teder (ik zal vaak refereren aan zijn teksten en songs).  Thé is dus geen zanger maar wel een getalenteerde dichter.  Zijn woorden en zinnen lijken abstract maar voelen toch zo tastbaar aan.  Hij lijkt alles te kunnen verwoorden.  De mens achter Thé Lau is te groot voor woorden en te mooi om te vergeten.  Zo iemand was, is en zal Thé Lau blijven.

De laatste cd van Thé Lau kreeg de titel “Platina Blues” mee.  Het is een heroïsch meesterwerk geschreven tussen, en deels misschien dankzij, de morfinedruppels in het ziekenhuis.  De plaat bestaat eigenlijk uit één lang nummer, onderverdeeld in vier stukken.  Thé schuwt in dit werk de dood niet, met zinnen als: de dood maakt jacht op mij.  De cd maakt van mijn grootste nachtmerrie de kille waarheid.  Het afscheid van Thé Lau is nakend.  Gelukkig zullen zijn teksten en muziek nog lang nagalmen in de wereld die hij achterlaat.

Thé moet niet meer op zoek gaan naar antwoorden, hem rest enkel nog zijn laatste reis.  Een ticketje heen naar de hemel alstublieft, de terugreis mag u vergeten.  De dood is inherent aan ons bestaan op deze aardbol.  Elk kind dat wordt geboren zal later ook sterven, elk grassprietje geluk zal later opgaan in een zee van verdriet.  Gelukkig heeft Thé de kans gekregen op iets prachtigs van zijn (te korte) levensduur te maken.  Hij is geboren als een stille muzikant en zal sterven als een reus van een kathedraal.  Er is lang aan gewerkt maar veel mensen vonden de weg naar het muzikale hart op de tonen van het grandioze orgelspel.  De beiaardier zweeg en zag dat Thé het goed deed.

In juni heb ik hem nog een laatste keer kunnen bewonderen, al is dat laatste werkwoord erg relatief.  Zijn geest wou nog wel maar zijn lichaam was en blijft ziek.  De stembanden waren nog rauw en hees maar ze waren aangetast door de kanker.  Na het bisnummer nog die laatste en morbide blik in zijn ogen.  Hoe luguber kan zo’n afscheidsconcert toch zijn?  Ik zal het niet snel vergeten.

Tenslotte kan ik niet anders dan dit column af te sluiten met “zijn” woorden.  Thé schreef voor de begrafenis van zijn beste vriend het nummer ‘de vriendschap’.  Ik kan niet schrijven, noch zingen, maar deze is van mij voor jou want iedereen is van deze wereld en jij blijft voor eeuwig rondzweven in mijn wereld.  Jouw woorden krijgen een plaats in mijn hart, jouw gedachten mogen zich vastroesten in mijn hersenen.  Ik zal ze koesteren en bewaren tot in mijn grafkist, al verkies is mogelijks toch zo’n urne.

Mijn welgemeende steun en sterkte voor elk familielid dat hij zal achterlaten, voor elke fan die een stukje van zichzelf ziet wegkwijnen, voor elke mens die aandacht schenkt aan zijn of haar naasten en voor mezelf, die de boodschap van Thé Lau verder zal doorgeven aan iedereen die het wil horen.

De geur van heel de bloemenzee, vergeet je
de woorden die de priester spreekt
hoe beurs je bent en hoe gedwee, vergeet je
de zon die door de wolken breekt

De tranenvloed die je verdooft, vergeet je
het doffe barre ongeloof
het verdriet dat je voelt en ziet, vergeet je
de aard van God die geeft en rooft

Maar de vriendschap, vergeet je niet

In stilte zeg ik vaarwel
in stilte buig ik mijn hoofd
het ga je goed, het ga je goed